Ingezonden: Xenophobie

13 juni 2013 om 00:00 Ondernemend

Sinds meerdere jaren wonen in Woudenberg emigranten uit Irak. Een hechte gemeenschap, mensen die in een ooit zo rijk en prachtig land woonden, dat echter door oorlog verscheurd en vernietigd werd. Velen van hen verloren vaders, broers, neven en zonen. Als christenen werden ze bovendien meer en meer vervolgd. Ze zagen hierdoor voor hun kinderen geen toekomst in hun vaderland. Ze verlieten, met heimwee en pijn in hun hart, hun vaderland en kwamen via omzwervingen terecht in ons dorp op de Utrechtse Heuvelrug.

De Iraakse gemeenschap is in Woudenberg liefdevol opgevangen door veel vrijwilligers. De meesten hebben een baan, werken ploegendiensten, maken schoon of werken in de thuiszorg. Terwijl velen van hen in hun thuisland een goede opleiding hebben genoten, werken de meesten in verband met de taalbarrière en/of geen geldige diploma's vér beneden het niveau waarvoor ze in eigen land zijn opgeleid; ze doen dit allemaal omdat ze dankbaar zijn dat ze in een land mogen wonen waar vrede is en en toekomst voor hun kinderen.

Toch ben ik regelmatig werkelijk geschokt als ik hoor hoe ze door sommige mede-Woudenbergers worden behandeld. Enkele voorbeelden?

Zoals de Irakese dame die via een advertentie bij AH een bench voor haar pup op ging halen gevraagd werd of ze wel echt een hondje had? Want, zo voegde de eigenaar er aan toe, ze zou er toch geen kippen of geiten in zetten?

Of hoe regelmatig ze in hun werk bij de thuiszorg te horen krijgen dat ze ábsoluut niet van buitenlanders houden.

Of wanneer ze teruggaan naar hun eigen land.

Of de opmerking van de kinderen uit de buurt dat ze niet mochten spelen omdat hun ouders hadden gezegd dat ze vies waren.

Of de jongeren waarmee ik een nieuw project op wilde zetten die er geen allochtonen bij wilde hebben.

Of het idee dat ze uit de woestijntent komen en nooit bloemen hebben gezien.

Of bij wijze van test geld neerleggen om te zien of het gestolen word en ze complimenteren als blijkt dat ze het geld hebben laten liggen.

Deze vreemdelingenvrees, zouden wij in Woudenberg moéten, en wíllen, ontgroeien; onbekend maakt onbemind, misschien zouden we iets meer moeten vrágen aan onze medeburgers, wiens kinderen híer bij ons, in Woudenberg geschiedenis gaan schrijven, ze integreren, generatie na generatie, ze gaan hier ervaren, leren, studeren en zullen hun ervaringen documenteren, vroeg of laat. En hoe zullen wij dan uit de verf komen? Gaan wij de geschiedenis in als een samenleving die de welwillende en vredelievende vreemdeling een kans heeft gegeven zich ten volle te ontwikkelen en een veilige toekomst bij ons op te bouwen?

Yvonne Kors

Woudenberg

Mail de redactie
Meld een correctie

Deel dit artikel via:
advertentie
advertentie